Eerste vastenzondag: de verleider in de wildernis

 

 

Geen enkel leven is vrij van woestijn. Vroeg of laat belandt elk mens in de wildernis.

 

Dat is niet eens zo'n slechte zaak, lijkt het evangelie van zondag te suggereren. Het is immers de Geest die Jezus de woestijn instuurt. De confrontatie met de verleider is een noodzakelijk kwaad eer Jezus aan zijn missie kan beginnen.

Enkel wie de vijand in zichzelf in de ogen heeft gekeken hoeft hem niet meer te vrezen.

 

 

 

 

 

Meteen stuurde de Geest Jezus naar de woestijn. 

Veertig dagen lang was Jezus in de woestijn. 

Satan probeerde hem te laten zondigen. 

Jezus leefde er tussen de wilde dieren. 

Maar de engelen zorgden voor hem.

 

Toen Johannes de Doper gevangengenomen werd, 

ging Jezus terug naar Galilea. 

Daar vertelde hij het goede nieuws van God. 

Hij zei:

‘Gods nieuwe wereld is dichtbij. 

Geloof dat goede nieuws! 

Dit is het moment om je leven te veranderen.’ 

(Mc 1: 12-15 / BGT)

 

 

Bij de (detail)afbeelding: de Brit (van Franse afkomst) Briton Rivière schilderde deze 'Bekoring in de wildernis' (1898) zoals Marcus het ook beschrijft: ontdaan van alle spookhuis-dramatiek. De confrontatie is met de eigen schaduwzijde. Die is griezeliger dan het gevecht met welke duivel ook...

 

 

 

U vindt een gebedsblaadje onderaan deze pagina.

Voor de vastentijd werden de gebruikelijke predikanten van onze parochie gevraagd elk een overweging te schrijven bij het evangelie van een zondag naar keuze, dit ter vervanging van de homilie waar we nog steeds van verstoken blijven.

Rita Cools opent de rij. U vindt haar tekst eveneens hieronder.