Het ene talent is het andere niet

 

Weinig parabels riskeren zo verkeerd begrepen te worden als de parabel van de talenten. Het gaat immers niet om God die gaven en behendigheden uitdeelt waarmee we dan maar aan de slag moeten ...

Het einde van het verhaal licht een tip van de sluier op: de meester vertrouwt zijn dienaren (een deel van) zijn kostbaarste bezit toe, en verwacht dat ze daar iets mee doen, ... alvorens het terug te geven.

De derde dienaar valt door de mand: ook al kan hij teruggeven wat hij heeft ontvangen, het oordeel van de meester is meedogenloos: 'Ellendeling, je hebt niets gedaan met 'wat van mij is.''

Verantwoording wordt niet gevraagd over wat we doen met 'het onze' maar wel met wat we doen 'met wat van God is...'

 

U vindt een gebedsblaadje bij de liturgie van deze zondag onder 'extra informatie' onderaan deze pagina.

 

 

Of het zal zijn als met een man die op reis ging, 

zijn dienaren bij zich riep 

en het geld dat hij bezat aan hen in beheer gaf. 

15Aan de een gaf hij vijf talent, 

aan een ander twee, 

en aan nog een ander één, ieder naar wat hij aankon. 

Toen vertrok hij. 

 

Meteen 16ging de man die vijf talent ontvangen had 

op weg om er handel mee te drijven, 

en zo verdiende hij er vijf talent bij. 

17Op dezelfde wijze verdiende de man 

die er twee had gekregen er twee bij. 

18Degene die één talent ontvangen had,

besloot het geld van zijn heer te verstoppen: hij begroef het.

 

19Na lange tijd keerde de heer van die dienaren terug 

en vroeg hun rekenschap. 

20Degene die vijf talent ontvangen had, 

kwam naar hem toe en overhandigde hem nog vijf talent erbij 

met de woorden: “Heer, u hebt mij vijf talent in beheer gegeven, 

alstublieft, ik heb er vijf talent bij verdiend.” 21

Zijn heer zei tegen hem: “Voortreffelijk, 

je bent een goede en betrouwbare dienaar. 

Omdat je betrouwbaar bent gebleken 

in het beheer van een klein bedrag, 

zal ik je over veel meer aanstellen. 

Wees welkom bij het feestmaal van je heer.” 

 

22Ook degene die twee talent ontvangen had, 

kwam naar hem toe en zei: 

“Heer, u hebt mij twee talent in beheer gegeven, 

alstublieft, ik heb er twee talent bij verdiend.” 

23Zijn heer zei tegen hem: “Voortreffelijk, 

je bent een goede en betrouwbare dienaar. 

Omdat je betrouwbaar was 

in het beheer van een klein bedrag, 

zal ik je over veel meer aanstellen. 

Wees welkom bij het feestmaal van je heer.” 

 

24Nu kwam ook degene die één talent ontvangen had naar hem toe, 

hij zei: “Heer, ik wist van u dat u streng bent, 

dat u maait waar u niet hebt gezaaid en oogst waar u niet hebt geplant, 

25en uit angst besloot ik uw talent te begraven; 

alstublieft, hier hebt u het terug.” 

26Zijn heer antwoordde hem: 

“Je bent een slechte, laffe dienaar. 

Je wist dus dat ik maai waar ik niet heb gezaaid 

en oogst waar ik niet heb geplant? 

27Had mijn geld dan bij de bank in bewaring gegeven, 

dan zou ik bij terugkomst mijn kapitaal met rente hebben terugontvangen. 

28Pak hem dat talent maar af en geef het aan degene die er tien heeft. 29

Want wie heeft zal nog meer krijgen, en wel in overvloed, 

maar wie niets heeft, hem zal zelfs wat hij heeft nog worden ontnomen. 30

 

En die nutteloze dienaar, gooi die eruit, 

in de uiterste duisternis, waar men jammert en knarsetandt.”

(Mt 25: 14-30 / NBV-vertaling)

 

 

 

 

  

Extra informatie: